De Jungiaanse psychoanalyse verschilt wezenlijk van de Freudiaanse psychoanalyse. Carl Gustav Jung was een leerling van Freud maar brak in latere jaren met hem. De breuk was een theoretisch meningsverschil over de aard van de psyche en met name de rol van de seksuele driften hierin. Jung ervoer de benadering van Freud als te dogmatisch en te autoritair. Jung ontwikkelde zijn eigen theorieën verder, die hij analytische psychologie noemde. De Jungiaanse psychoanalyse besteedt veel aandacht aan Persoonlijkheidstypen ,de structuur van de menselijke psyche, Archetypen en het Individuatie-proces.

